Power

Actueel

Intermax strategisch partner CyberSecurityKeten.NL

Cloud- en managed security specialist Intermax is officieel strategisch partner van CyberSecurityKeten.NL. Dit initiatief - dat vandaag werd gelanceerd - stelt de vitale infrastructuur en processen in Nederland in staat zich beter te beschermen tegen cyberaanvallen. Intermax is een van de zes strategische partners, die allen kennis, ervaring en diensten inzetten om de Nederlandse digitale infrastructuur optimaal te beschermen. CyberSecurityKeten.NL werd geïnitieerd door Generaal-Majoor b.d. Pieter Cobelens (voormalig directeur van de MIVD) en bestaat naast Intermax uitLegian, Grabowsky, Restment, Hudson Cybertec en Compumatica. Het initiatief is ontstaan uit de visie dat de Nederlandse vitale infrastructuur beveiligd moet worden met kennis en technologie die de nationale belangen beschermen. De grootschalige samenwerking is een antwoord op de ontwikkeling dat steeds meer Nederlandse digitale security bedrijven worden overgenomen door buitenlandse investeerders. Toezicht op deze partijen is vaak onduidelijk. Met de lancering van CyberSecurityKeten.NL is er nu een 100% Nederlandse oplossing voor het bieden van bescherming. Security van levensbelang “Intermax draagt niet zomaar kennis en kunde bij aan CyberSecurityKeten.NL,” vertelt Ludo Baauw, algemeen directeur Intermax. “Wij leveren onder meer managed security services voor ziekenhuizen, verzekeraars en andere bedrijven waarvoor security en een zeer hoge uptime van levensbelang zijn. Daarmee sluiten onze dagelijkse werkzaamheden naadloos aan bij de doelstellingen van dit initiatief.” Zelf doet Intermax ook veel om de digitale veiligheid van Nederland te vergroten. Baauw bedacht onder meer de Nationale Anti DDoS-Wasstraat (NaWas), als bijdrage aan de strijd tegen DDoS-aanvallen, en online security platform Guardian360. Digitale dijkbewaking “Met de NaWas hebben we in feite de digitale dijkbewaking voor Nederland opgericht,” vertelt Baauw. “In 2016 hebben we samen met de andere participanten zo’n 800 DDoS-aanvallen afgeslagen. Voor de nationale veiligheid is het van levensbelang dat we dit soort initiatieven blijven ontwikkelen en de samenwerking met betrouwbare partners actief blijven zoeken. 100% veiligheid bestaat namelijk niet. Door samen aan maatregelen zoals de NaWas te werken, zijn de risico’s wel zoveel mogelijk te beperken.” Over CyberSecurityKeten.NL Alle leden van CyberSecurityKeten.NL zijn in staat om IT-systemen en data te installeren, beheren en beveiligen met de Nederlandse belangen voorop. Experts zijn in te zetten op elk security-onderdeel, van preventie tot detectie en respons. Het initiatief opereert vanaf verschillende locaties in Nederland en is 24 uur per dag beschikbaar. Klanten komen onder meer van de overheid, waternetten, hulpdiensten en de transportsector. Alle deelnemers aan CyberSecurityKeten.NL zijn 100% Nederlands en volstrekt onafhankelijk. Daardoor is inmenging uitgesloten en kunnen klanten erop vertrouwen dat alle werkzaamheden in Nederland worden verricht. Over Intermax Intermax is gespecialiseerd in clouddiensten voor het beheren en beschikbaar houden van bedrijfskritische applicaties, complete (virtuele) serverparken en ICT-infrastructuren voor bedrijven en organisaties. We helpen onze klanten met het samenstellen van de ideale mix in cloudtechnologie. Dat doen we met de meest vooruitstrevende technologie en de beste mensen. We noemen het ook wel cloudsourcing: een samensmelting van cloud en outsourcing.

Lees meer
Voldoen aan de AVG. Waar moet ik beginnen?

Hoewel het nog een jaar duurt, is er geen ontkomen meer aan: de nieuwe Europese privacyverordening gaat ook uw bedrijf raken én werk veroorzaken. De komende weken zoomen wij in op verschillende onderdelen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Vandaag beginnen wij bij het begin. AVG of GDPR? De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is de Nederlandse benaming voor de General Data Protection Regulation (GDPR). Alle individuele lidstaten moeten werken met deze nieuwe EU-regulering. De GDPR gaat op 25 mei 2018 in en vervangt dan onze huidige Wet Bescherming Persoonsgegevens (Wbp). Wat staat er in de AVG? De AVG zorgt voor dezelfde regels omtrent bescherming van persoonsgegevens in heel Europa. Het maakt dan niet meer uit in welk EU-land de burger, wiens gegevens worden verwerkt, woont; het gaat om ‘betrokkenen die zich in de Unie bevinden’. Er zullen meer verplichtingen gaan gelden dan bij de Wbp en de Meldplicht Datalekken – waar u op dit moment aan moet voldoen. Hier komt het op neer: U moet exact weten welke bestanden met persoonsgegevens u beheert en in bezit heeft. U moet weten welke rechten de personen hebben van wie u gegevens in bezit heeft. Wanneer u een product of dienst ontwikkelt, dan moet er ‘security by design’ worden toegepast. U moet dus direct nadenken over hoe u de beveiliging van gegevens waarborgt en inbouwt. U moet van elk aspect van de persoonsgegevens afzonderlijk kunnen aangeven waarom u deze gegevens opslaat. Projecten met een hoog risico op lekken moeten vooraf een inschatting van privacyrisico’s krijgen, een zogenaamde Privacy Impact Analyse (PIA). U mag persoonsgegevens alleen maar gebruiken voor het doel waar de informatie oorspronkelijk voor verzameld is. Er moet een ‘juridische grondslag’ zijn. De verantwoordelijke voor de gegevens moet toestemming vragen aan de eigenaar van de gegevens wanneer hij onderaannemers inschakelt (voor zover deze persoonsgegevens verwerkt). Dat geldt dus ook wanneer u Intermax inschakelt om uw gegevens te beheren en te bewaken. Bedrijven die buiten de EU zijn gevestigd of die buiten de EU gegevens van Europese burgers verwerken (denk aan Google, Amazon of Microsoft) moeten zich ook aan de AVG houden. Waar te beginnen? Het eenvoudigst is om te beginnen met een inventarisatie van de gegevens die u nu binnen uw bedrijf heeft. U dient een antwoord te formuleren op de volgende vragen: Welke typen persoonsgegevens worden er binnen onze organisatie verwerkt? Wat is het doel hiervan? Van welke betrokkenen verwerken wij eigenlijk persoonsgegevens? Om wie gaat het eigenlijk? Hoe lang bewaren wij deze gegevens? Met de antwoorden op deze vragen is het maken van een PIA veel eenvoudiger. Ook kunt u gemakkelijker klanten te woord staan wanneer ze vragen hebben over hun gegevens. Meer blogs uit onze blogserie over de AVG: Bescherming persoonsgegevens, wie is verantwoordelijk?  Moet ik een Functionaris Gegevensbescherming aanstellen? Vier valkuilen bij de bescherming van persoonsgegevens onder de AVG Hoe zorg ik dat ik een datalek op tijd herken? De vier belangrijkste gevaren van Shadow IT  

Lees meer
Nieuwe Intermax klant: Maxima Medisch Centrum

Intermax heeft wederom een mooie nieuwe zorgklant erbij: Maxima Medisch Centrum zocht een partner die de hosting en het technisch beheer van het Chipsoft Zorgportaal kon verzorgen. Na onder andere Haga Ziekenhuis en het Reinier de Graaf Ziekenhuis is dit een mooie nieuwe klant waar we weer een zorgportaal mogen lanceren. Daarnaast hebben we onlangs ook het Admiraal de Ruyter ziekenhuis en ErasmusMC in Rotterdam kunnen helpen met technische uitdagingen rondom het Zorgportaal en Chipsoft HiX. Na de productiegang van Chipsoft HiX was de implementatie van het CS-Zorgportaal de logische vervolgstap voor Maxima Medisch Centrum. Een op het oog kleine stap, maar met grote impact. De interactie met de patiënt krijgt een geheel nieuwe dimensie. De mogelijkheid om gegevens in te zien of te muteren vraagt om een modern, hoogwaardig en veilig platform dat professioneel wordt beheerd. Intermax biedt Maxima Medisch Centrum een in de praktijk bewezen oplossing voor het aanbieden van het CS-Zorgportaal. Deze oplossing biedt optimale beschikbaarheid van het klantportaal. Mocht er onverhoopt toch sprake zijn van uitval dan zal er weinig tot geen dataverlies zijn. In korte tijd implementeren we voor Maxima Medisch Centrum een hoogwaardige acceptatie- en productieomgeving. We verzorgen de inrichting van de virtuele servers en firewalls, in onze geografisch redundante datacenters. Dankzij onze DigiD TPM (Third Party Mededeling) voldoet Maxima Medisch Centrum op dit platform aan de technische NOREA-voorwaarden die gesteld worden aan de infrastructuur. Wij bieden dit kosteloos aan, als onderdeel van onze dienstverlening. Hierdoor worden jaarlijks vele duizenden euro’s bespaard op de vereiste DigiD-audit. Voor meer informatie over onze dienstverlening voor Chipsoft HiX en het CS-Zorgportaal en onze andere klanten in de zorgsector kunt u contact opnemen met Maurice Wieggers via 010-7104444.                      

Lees meer
Intermax nummer 1 in Emerce top 100

Intermax Cloudsourcing heeft met een score van 5,5 de gedeelde eerste plaats behaald in de Emerce top 100 van beste e-business bedrijven in 2017. Intermax behaalde deze eerste plek in de categorie Hosting shared en managed. De Emerce top 100 wordt jaarlijks samengesteld op basis van onafhankelijk empirisch onderzoek door Motivaction naar het imago van maar liefst 560 aanbieders in de e-businessmarkt. Evenals voorgaande edities beslaat het onderzoek een viertal gebieden: Bureaus, E-business services, Media & Advertising en Software. “We zijn niet dagelijks met ons imago bezig, maar we zijn natuurlijk wel heel trots om erkenning te krijgen voor wat we dagelijks doen voor onze klanten. Omdat er zoveel gerenommeerde namen op de lijst staan, vinden we het extra leuk dat we bovenaan eindigen,” zegt Ludo Baauw, algemeen directeur bij Intermax. Jaren geleden koos Intermax ervoor de klant volledig centraal te zetten, in plaats van zoveel mogelijk klanten toe te voegen of alleen maar zo hard mogelijk te groeien. Baauw: “Met die visie in het achterhoofd hebben we het bedrijf op- en uitgebouwd. We groeien nu autonoom dankzij onze trouwe klanten en natuurlijk onze mensen. Dat dit uitstekend werkt, blijkt onder andere uit deze mooie notering.” Innovatief karakter Met deze waardering wordt Intermax ook erkend om zijn innovatieve karakter en de dingen die het bedrijf doet ‘for the greater good of the internet’, zoals de Nationale Anti-DDoS-wasstraat, het LoRa-sensornetwerk en de eigen Docker-ontwikkelstraten met custom repositories. Dat doet het bedrijf naast de dagelijkse werkzaamheden als single point of contact voor alle cloudoplossingen, of het nu privaat of publiek is.

Lees meer
Intermax is Microsoft Cloud Service Provider

Intermax is onlangs getransformeerd tot Intermax Cloudsourcing. Dat houdt in dat wij buiten onze eigen Intermax Cloud - die een ongekende beschikbaarheid en performance heeft - ook geïntegreerde Public Cloud services aanbieden. Daarnaast leveren we al sinds jaar en dag flexibele licenties van onder andere Microsoft. Die zaken vloeien nu samen in een nieuwe samenwerking tussen Intermax en Microsoft: we zijn officieel Microsoft Cloud Service Provider geworden! De samenwerking met Microsoft zorgt ervoor dat we onze diensten en complexe infrastructuren indien gewenst voor onze klanten kunnen integreren in één passende hybride cloudoplossing. Efficiënt. Helder. En allemaal met een vast aanspreekpunt: Intermax. We ontwerpen de juiste architectuur die bij uw IT-toepassingen hoort en past, en die bovendien voldoet aan alle (wettelijke) voorwaarden. De combinaties van bestaande private en public clouds worden door de samenwerking met Microsoft volledig ondersteund. We helpen op deze manier onze klanten bij de transitie naar de cloud. Dat doen we met voldoende middelen, aanvullende back up, ondersteuning, beveiliging en met 1 heldere factuur met bewaking van de kosten. Hopelijk bieden we zelfs inspiratie, en geven we onze klanten het vertrouwen over te stappen naar de cloud, en te kiezen voor cloudsourcing!          

Lees meer
‘In strijd tegen cybercrime is lef en samenwerking essentieel’

Dutch IT-Channel plaatste deze week een interview met Ludo Baauw, directeur strategie en innovatie bij Intermax. In het artikel gaat Ludo in op het ontstaan en belang van de Nationale Anti-DDOS Wasstraat (NaWas) en informatiebeveiliging. Ziggo, de Rijksoverheid, de NOS en ING. Zomaar wat namen van organisaties die de afgelopen jaren het slachtoffer zijn geworden van DDoS aanvallen, met als gevolg dat hun websites of diensten soms wel dagenlang onbereikbaar waren. Valt daar iets aan te doen? Ludo Baauw, oprichter en directeur strategie & innovatie van cloudsourcer Intermax dat sinds kort een gloednieuw kantoor heeft in Rotterdam, dacht van wel. Baauw nam in 2014 het initiatief tot een wereldwijd uniek coöperatief van hosting- en cloudproviders om DDoS aanvallen af te slaan. Deze samenwerking was geïnspireerd op het eerdere succes van de Nationale Beheersorganisatie Internetproviders (NBIP), waar Baauw bestuurslid is. Het NBIP beheert, namens Internet Service Providers (ISP’s), tapapparatuur die benodigd is als Justitie een taplast aan hen oplegt. De kosten voor tapapparatuur waren dermate hoog, en de apparatuur werd door individuele ISP’s zo zelden gebruikt, dat het veel zinvoller was om als ISP’s de krachten te bundelen in een stichting zodat de kosten voor de apparatuur evenredig verdeeld konden worden. DDoS-aanvallen, zo dacht Baauw, zijn net als een taplast een issue waar iedere partij in de markt mee te maken heeft. En ook de aanschaf van apparatuur om DDoS-aanvallen af te kunnen slaan, vergt flinke investeringen. Het lag dus voor de hand om opnieuw de samenwerking op te zoeken, en Baauw belde enkele van zijn vakgenoten bij concurrerende bedrijven. Dat was een gewaagde stap en het idee stuitte in eerste instantie dan ook op ongeloof. Maar binnen drie maanden was de NaWas operationeel, mede dankzij de inzet van de Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX), Neutral Internet Exchange (NL-IX) en de Dutch Hosting Provider Association (DHPA). Momenteel zijn 45 grote hosters en ISP’s erop aangesloten en dat aantal groeit maandelijks. Het initiatief is zelfs zo succesvol dat recent de contributie werd verlaagd. Het is inmiddels voor de kleinste ISP’s mogelijk om tegen een gering bedrag gebruik te maken van de NaWas. De prijs is het bewijs De prijs is dus het bewijs dat het werkt. “De NaWas moet eigenlijk gezien worden als de Melkunie van de Nederlandse ISP’s en hosters”, aldus Baauw. “We bundelen onze krachten om samen sterker te staan. Maar dat betekent niet dat we bij elkaar in de keuken kunnen kijken: we blijven immers concurrenten.” Geen van de deelnemers, noch het bestuur van NBIP, weet dan ook waarmee deelnemers te maken hebben qua DDoS-aanvallen. De basis daarvan is vertrouwelijkheid. “De operationele werkzaamheden zijn door de NBIP uitbesteed aan een derde partij. Op deze manier is maximale vertrouwelijkheid gegarandeerd.” Tegelijkertijd zou het een gemiste kans zijn om niets te doen met de schat aan informatie die de NaWas oplevert. “Vorig jaar hebben we 800 DDoS-aanvallen behandeld, en die zijn allemaal met succes afgeslagen. Dat betekent dat we een enorme dataset met informatie hebben over de gebruikte aanvalspatronen. Voor onderzoeksinstellingen zoals universiteiten zijn deze data heel waardevol, en het is voor ons heel waardevol als zij deze data analyseren en op basis daarvan nieuwe oplossingen kunnen aanreiken. We werken ook samen met het Nationaal Cyber Security Centrum om meer grip te krijgen op deze vorm van cybercriminaliteit en we hebben recent middelen gekregen van het SIDN fonds om verder onderzoek op te zetten”, zegt Baauw. “Samenwerkingen zijn de sleutel tot succes in de strijd tegen cybercrime”, aldus Baauw. “Daar valt nog een hoop te winnen. Cybercrime is heel vervelend voor de partijen die het internet mogelijk maken, maar ook voor degenen die van internet gebruik maken. Op dat vlak spelen er in mijn optiek twee problemen: de meeste initiatieven tegen cybercrime worden vooral nog door de sector gedragen. Dat is met NaWas niet anders. We zouden graag meer samenwerken met de overheid om nog effectiever te kunnen zijn. En dan gaat het niet uitsluitend om middelen maar vooral het uitwisselen van kennis en informatie.” Weet wat je wilt beschermen Het valt Baauw op dat veel organisaties en bedrijven ofwel te weinig doen aan hun security ofwel hun energie steken in de verkeerde zaken. “Je kunt met heel simpele maatregelen al 85% van je security regelen, maar zelfs dat gebeurt vaak niet. En dat is gevaarlijk, want veel cybercriminelen zijn eigenlijk niet meer dan domme inbrekers. Ze proberen binnen te komen met een koevoet, maar als je je beveiliging op orde hebt lukt dat niet. En dan druipen ze af, want ze hebben te weinig kennis van zaken om een goede kraak te zetten. Als het niet zo makkelijk was om in te breken in een systeem of een netwerk, zou cybercrime veel meer planning, kennis en toewijding vereisen.” Het belangrijkste is echter, aldus Baauw, om goed in kaart te brengen wát je wilt beschermen. “Je kunt voor tienduizenden euro’s software en hardware kopen, maar als je niet weet wat je daarmee wilt beschermen, ben je mogelijk alsnog niet veilig. Zorg er dus voor dat je weet wat je kroonjuwelen zijn en richt daar je security naar in. Investeer in consultancy van onafhankelijke partijen en volg hun adviezen op. Goede beveiliging is niet alleen iets wat je koopt, maar vooral iets wat je doet.” Samen beukt lekkerder Initiatieven als de NaWas onderstrepen dat sectorbrede samenwerking heel vruchtbaar kan zijn. Recent werd de capaciteit van NaWas verdubbeld en de interesse in aansluiting is groot, inmiddels ook van buitenlandse partijen. En dit soort succesverhalen zijn heel nuttig als showcase hoe het ook kan in de strijd tegen cybercrime, zoals Baauw zal laten zien tijdens Holland Strikes Back. Baauw: “Initiatieven als Holland Strikes Back zijn heel belangrijk om te kunnen laten zien dat het mogelijk is om een vuist te maken tegen cybercrime. NaWas is daarvan natuurlijk een heel mooi voorbeeld. Maar ook voor de bestrijding van andere soorten cybercrime geldt wat mij betreft: samen beukt lekkerder.” Door: Wouter Pegtel namens NLnet, DHPA en hun DINL partners in het kader van Holland Strikes Back Bron: Dutch IT-Channel

Lees meer
Computable Awards 2016: Stem voor Intermax en R.I.O.T.: The Things Network 010!

Op dinsdag 1 november 2016 worden de Computable Awards, de belangrijkste ICT-prijzen van Nederland, voor de elfde keer toegekend aan bedrijven, projecten en personen die zich in het afgelopen jaar nadrukkelijk hebben onderscheiden. Rotterdam doet wat wordt bedacht, óók op het gebied van ICT, en dat resulteert in een nominatie voor R.I.O.T.: The Things Network 010, in de categorie ICT-project van het jaar in het grootbedrijf. Dit LoRa-netwerk werd november 2015 gerealiseerd door een gevarieerde mix van Rotterdamse bedrijven, overheden en onderwijs. LoRa staat voor ‘Long Range Low Power’. Met deze technologie kunnen objecten en systemen met een sensor bij zeer laag stroomverbruik door de lucht informatie uitwisselen. Naast Intermax zou het netwerk niet mogelijk gemaakt zijn zonder de inspanningen van onder andere Rotterdam internet eXchange, Teqplay, en de gemeente Rotterdam. Stemmen voor The Things Network 010 kan hier. Succes De belangstelling voor het LoRa-netwerk is groots. Inmiddels zijn er zeventien projecten actief op het netwerk. Dat is geen geringe prestatie. Voor Intermax komt bij een project als het R.I.O.T alles samen: de nieuwsgierige geesten van onze engineers, onze filosofie waarbij het vooral draait om teamgeest, gedrevenheid voor het vak, en een absolute honger om de wereld van internet te blijven exploreren. We hebben vaak gezegd dat we het gevoel hebben dat we nog maar aan het begin staan van een tijdperk. Zulke nieuwe ontwikkelingen als het netwerk van R.I.O.T leveren het bewijs dat we in staat zijn om samen met geestverwante partners grote stappen te nemen. Het zijn zorgvuldig, vooraf uitgedachte hinkstapsprongen, die ervoor zorgen dat we door een steeds groter venster kunnen toekijken op het tijdperk waar we met z’n allen op weg naar toe zijn. En we kijken niet alleen toe, we kunnen het mede vormgeven! Zo’n prachtige nominatie is het bewijs dat we, samen met onze partners, de goede weg zijn ingeslagen. Over de Computable Awards De onafhankelijke Computable Awards vakjury heeft voor elke award een aantal genomineerden geselecteerd, die vooraf zijn voorgedragen. De jury koos steeds inhoudelijk voor de kwaliteit van de onderbouwing en voor de geleverde informatie over het genoemde project. De ranking door de jury en het aantal stemmen van de lezers van Computable bepalen elk voor de helft welke genomineerde de award in november ontvangt. Uiteraard houden we onze vingers gekruist! Juryoordeel De jury gaf blijk onder de indruk te zijn van de Rotterdamse aanpak van dit initiatief: niet praten, maar doen. Een cliché, maar in de praktijk dus nog altijd een absolute waarheid. Door deze praktisch aanpak zijn de eerste ervaringen met het netwerk gedaan. De bedrijven en overheden achter het netwerk komen daarnaast maandelijks bijeen, waarmee een LoRa-innovatieplatform in Rotterdam is gecreëerd. Reactie Intermax Ludo Baauw, directeur Strategie & Innovatie bij Intermax en operator van verschillende LoRa-gateways (zendmasten voor dit netwerk): 'Dankzij de plaatsing van een twintigtal gateways op strategische locaties in de regio Rijnmond biedt dit de stad en haar omgeving ongekende mogelijkheden voor goedkope, breed beschikbare en open sensortechnologie. Denk aan slimme stadsverlichting, het meten van waterniveaus, onderhoud aan machines en installaties of aan de mogelijkheden voor crowd control. Op een simpele, snelle en zuinige manier kunnen er op grote afstand allerlei soorten slimme meters worden uitgelezen, zonder dat daar dure mobiele abonnementen of veel mankracht voor nodig zijn. Als Intermax willen we hier graag belangeloos een bijdrage aan leveren, vanuit de waarden waar wij ook tijdens ons dagelijks werk voor staan: het moet vernieuwend en veilig zijn, en altijd goed werken. Bovendien willen we graag een bijdrage leveren aan onze slimme stad. Samen hebben we er inmiddels voor gezorgd dat Rotterdam het grootste internet of things-stadsnetwerk heeft van Nederland, en daar zijn we trots op, net zoals we trots zijn op deze nominatie!' Wij willen natuurlijk deze nominatie omzetten in een echte prijs: daarom vragen wij u op ons te stemmen. Dat kan de komende tijd via deze link. Heel erg bedankt voor uw support!

Lees meer
Interview Ludo Baauw in Telecompaper

Op Telecompaper.com is een interview verschenen met Ludo Baauw. In dit artikel wordt onder andere het aandeel van Intermax in het Rotterdamse LoRa-netwerk behandeld. Het artikel is hier te vinden.            

Lees meer
Intermax vermelding in artikel over The Things Network 010

November vorig jaar werd R.I.O.T.: The Things Network 010 gelanceerd in Rotterdam. Intermax heeft samen met de Rotterdam internet eXchange (R-iX) en Teqplay de lead genomen bij de uitrol van dit open LoRa-netwerk voor het Internet of Things in stad en haven. LoRa staat voor ‘Long Range Low Power’, wat inhoudt dat objecten en systemen dankzij deze technologie met een sensor door de lucht informatie uit kunnen wisselen bij zeer laag stroomverbruik. Intermax leverde onder andere een groot aantal gateways, de zendmasten voor LoRa. Ludo Baauw, directeur Strategie & Innovatie bij Intermax: “Voor ons was het gelijk duidelijk dat we een voortrekkersrol wilden nemen in dit gedeelte van het project. We vinden het belangrijk een bijdrage te leveren aan onze stad, en dat is precies wat we hier doen. Bovendien hebben we bij Intermax allemaal een enorme nieuwsgierigheid naar nieuwe dingen, en een constante behoefte kennis over ons vakgebied te delen met anderen. Dat was zo toen we Intermax begonnen 21 jaar geleden, en dat geldt vandaag nog steeds.” Rotterdams online tijdschrift Vers Beton publiceerde een artikel over het Things Network, waarin ook Ludo aan het woord komt. Het hele artikel is hier te lezen.  

Lees meer
De swing van Internet of Things [blog]

De Internet of Things ( IoT ) heeft haast. De elektrische prikkels duwen in een continue pulserende stroom de digitale bulldozers voort die de wegen moeten bestraten en het netwerk moeten aanleggen om letterlijk alle dingen op elkaar aan te sluiten. Mooi die ontwikkelingen. Maar ook zorgelijk als er in spreekwoordelijke zin met asfalt gesmeten wordt, zonder dat men de veiligheid van de wegen en het netwerk goed in kaart brengt. Je ziet zoiets gebeuren als de financiële belangen zwaarder wegen dan de veiligheidsoverwegingen, die evenzeer moeten worden meegenomen als je het succes ook op langer termijn wilt garanderen. Deskundigen beweren dat er met IoT veel geld kan worden verdiend. Goldman Sachs kwam onlangs met cijfers en beweerde dat het IoT in 2020 een markt vertegenwoordigt van wereldwijd 700 miljard dollar. Op zijn Rotterdams gezegd: ontiegelijk veel geld. Gartner stelt dat de markt dit jaar al naar ruim 230 miljard dollar zal gaan, met wereldwijd ruim 6 miljard aangesloten apparaten. Dat aantal zal in 2020 stijgen naar bijna 21 miljard apparaten. Dan zijn nog lang niet alle huishoudelijke apparaten aangesloten. Men heeft het dan vooral over de industriële toepassingen én auto’s. Bedacht wordt dat dáár het geld ligt. Auto’s die zelfstandig contact leggen met dealers en garages voor bijvoorbeeld beurten en storingen, maar ook zelfstandig ‘afrekenen’ in parkeergarages. Het kan. We zijn ertoe in staat. En het zal gebeuren. Een dekkend LoRa-netwerk is dan natuurlijk noodzakelijk: één netwerk dat voor miljarden apparaten toegankelijk is en dat geschikt is om grote hoeveelheden data te verwerken. Mooie tijden voor datacenters en hostingbedrijven. Die data moet namelijk ergens worden opgeslagen. En dan ook nog veilig, als het even kan. Ander bijkomend voordeel: data leveren antwoorden op. Patronen. Signalen. Gebruiken. Systemen. Met andere woorden, een structuur. Vanzelfsprekend willen bedrijven die data gebruiken om die patronen te herkennen en daarop weer nieuwe diensten af te stemmen. Het ene netwerk levert weer een totaal ander netwerk op, en zo gaan verschillende voorzieningen en diensten hand in hand. Applicaties, die er nu nog niet zijn, moeten worden ontwikkeld zodat die verschillende apparaten de juiste data kunnen filteren en doorsturen naar de ‘rechtmatige’ ontvanger. Nederlandse bedrijven, als de avonturiers en ontdekkingsreizigers van deze tijd, proberen dan ook, als de wilde zeevaarders die ze zijn, voorop te lopen. The Things Network is een Nederlandse startup die aan een IoT-netwerk werkt: daarvoor ontwikkelt het open-sourcesoftware waarmee apparaten kunnen worden aangesloten op LoRa-netwerken. Diverse Nederlandse steden zijn inmiddels voorzien van een LoRa-netwerk. Eindhoven (Draadloos Eindhoven), Amsterdam, Rotterdam (met hulp van Intermax) en binnenkort ook Geleen (Xillion). Dat zijn allemaal mooie berichten. Wat overblijft is: security. Daar liggen, om het populair uit te drukken, de uitdagingen. Data goed beveiligen is een vak. Een specialisme waarin je nooit raakt uitgeleerd. Dikwijls met een aanpak van trial & error. Wachten we op de eerste hack van een auto? Dat was overigens vorig jaar al een keer voorgekomen. Verschillende media berichten over allerlei voorbeelden waaruit moet blijken wat er allemaal mogelijk is. Waarom zou je bijvoorbeeld niet via een sensor in een lantaarnpaal over het LoRa-netwerk naar systemen van een nutsbedrijf kunnen? Niets is nog ‘far fetched’. Het is de nieuwe realiteit die IoT met zich meebrengt. En dat gaat zeker op voor internetbeveiliging en security: een nieuwe realiteit die om een nieuwe benadering vraagt. Op dit moment lijkt daar niet de voornaamste zorg naar uit te gaan. En ook dat zie je vaker: eerst de economische belangen, dan de veiligheidsrisico’s. Aansluiten en inpluggen, dat is het idee. Het voert te ver om op dit onderwerp Koningin Maxima te citeren, maar misschien is het een ‘beetje dom’. Juist in deze fase zouden de access points beveiligd moeten worden, in elk geval zou er een idee moeten zijn hoe dat kan worden aangepakt, inclusief de aangesloten apparaten en de data die deze apparaten versturen naar elkaar. De engineers weten nu al dat standaardbeveiliging niet afdoende is. In de apparaten zelf zal een beveiliging moeten zitten die kwaaddoeners moet buitenhouden. Deze zogeheten encryptie brengt ook weer allerlei handvatten met zich mee. Niets kan namelijk zo maar worden uitgevoerd, zonder dat je het in een structuur vastlegt. In het geval van encryptie ontstaan de vragen: welke protocollen worden gehanteerd? En wie gaat dat naleven? Welke controle is erop? Wie beheerst het? Het IoT is een toekomst niet ver van ons vandaan. Een futuristische wereld die haalbaar is als dezelfde regels en wetgeving die ons in een fysieke wereld veilig houden ook in een juist gekozen vorm toepasbaar zijn in die andere, digitale wereld. In essentie komt het toch hierop neer: we gaan dan wel vooruit, maar er is geen swing met IoT mogelijk als de dansvloer niet is schoongeveegd. En voordat je het weet lig je op je gezicht.

Lees meer
Intermax tekent contract nieuwe huisvesting

Rotterdam, 14 januari 2016 - Managed hoster Intermax heeft onlangs het definitieve contract getekend voor zijn nieuwe huisvesting in het centrum van Rotterdam. Per juli 2016 is het bedrijf gevestigd aan het Schouwburgplein, in kantoorgebouw Office Dock. John T. Knieriem, algemeen directeur Intermax: “We nemen onze intrek op de derde verdieping van Office Dock, waar we ruim 1.000 m2 tot onze beschikking hebben. Het is een goed indeelbare ruimte, die prima is achtergelaten door de vorige huurder en die we volledig naar onze wensen aan kunnen passen. We hebben daarvoor huisvestingsadviseur Bureau Belnem, architect Jef van den Putte en technisch adviseur M3E ingehuurd. Ook belangrijk in onze keuze voor Office Dock: we kunnen gebruik maken van een privé parkeergarage onder het pand, waar ook voldoende laadpalen zijn voor de auto’s van onze collega’s.” De zoektocht van Intermax naar nieuwe huisvesting begon bijna 2 jaar geleden, toen de verhuurder van de huidige huisvesting aan Weena-Zuid verbouwingsplannen voor het pand bekend maakte. Knieriem: “Die plannen maakten duidelijk dat we op termijn van onze verdieping af zouden moeten. Sindsdien zijn we onze opties gaan verkennen, en tegelijkertijd groeide ook de wens voor een pand met meer aanzien en mogelijkheden.” Er zijn daarna meerdere panden in de directe omgeving van Weena-Zuid bekeken. “We blijven een Rotterdams bedrijf, dus we wilden zeker niet weg uit het centrum”, zegt Knieriem. Input personeel belangrijk Op dit moment werkt Jef van den Putte aan de ontwerpen voor de nieuwe huisvesting. De input van het personeel van Intermax is hierbij van groot belang. Knieriem: “We hebben een workshop georganiseerd waarin alle collega’s hun wensen kenbaar konden maken. Ook hebben we samen benoemd wat we juist niet willen veranderen. Die input hebben we verwerkt in het programma van eisen, het document dat leidend is bij de ontwerpen die nu worden gemaakt. Ook die ontwerpen worden straks uitgebreid met het personeel, en dan vooral met onze klankbordgroep, besproken.” De komende tijd wordt gestart met de uitvoering van de ontwerpen. In maart 2016 wordt vervolgens gestart met de bouw. De daadwerkelijke verhuizing vindt plaats in de zomer van 2016.

Lees meer
IOT maakt van elk huis een datacenter zonder systeembeheerder [blog]

Op 26 november 2015 lanceerde Intermax het grootste Internet Of Things (IOT) netwerk van Nederland. Dit open LoRa netwerk voor het IoT heeft dekking in de hele stad Rotterdam, inclusief het havengebied. LoRa staat voor ‘Long Range Low Power’. Met deze technologie kunnen objecten en systemen met een sensor bij zeer laag stroomverbruik door de lucht informatie uitwisselen. Deze kenmerken maken het een ideaal netwerk voor IoT. Ongekende mogelijkheden IoT biedt ongekende mogelijkheden: door apparaten en sensoren op een slimme manier aan het netwerk te koppelen hoeven engineers minder vaak te reizen, kan er meer gemonitord worden en kan technologie steeds slimmer ingezet worden. Denk aan slimme stadsverlichting, het meten van waterniveaus of aan de mogelijkheden voor crowd control. Op een simpele, snelle en zuinige manier kunnen er op grote afstand allerlei soorten slimme meters worden uitgelezen, zonder dat daar dure mobiele abonnementen of veel mankracht voor nodig zijn. De technologie klopt inmiddels ook aan de voordeur van ‘gewone’ burgers. Denk aan een deurbel met camera, die via internet gekoppeld is aan de smartphone van de bewoner. Handig wanneer je niet thuis bent, zodat je kunt zien welke bezoeker je gemist hebt. In 2010 werden al de eerste koelkasten met WiFi verbinding op de markt gebracht, de belofte was dat het apparaat webtoepassingen in de keuken toegankelijk zou maken. Hoewel die belofte nog niet op grote schaal waargemaakt is, zijn apparaten zoals babyfoons en thermostaten inmiddels wel via WiFi verbonden met het internet. De eerste rookmelders die aan het IoT gekoppeld kunnen worden zijn inmiddels op de markt. Fabrikanten van huishoudelijke apparatuur zijn met grote snelheid bezig om hun producten ‘connected’ te maken. De hiervoor genoemde apparaten zijn over het algemeen gekoppeld aangesloten op het elektriciteitsnet in de woning. WiFi verbruikt relatief veel stroom, dus een netsnoer is meestal nog nodig. Een LoRa netwerk maakt het echter mogelijk een groot aantal apparaten aan het netwerk te koppelen, die elk met een simpele AA-batterij jaren verbonden kunnen blijven. De eerste toepassingen worden inmiddels zichtbaar: huisdieren worden in de gaten gehouden door partijen zoals http://tailio.com/. Ook wordt er al geëxperimenteerd met sensoren die hun eigen energie opwekken, en dus geen batterij of stekker meer nodig hebben. Voor- en nadelen De voordelen zijn duidelijk, maar zijn de nadelen dat ook? Wat mij betreft zijn er twee grote aandachtspunten: security en surveillance. Over surveillance zal ik een separate bijdrage schrijven, in deze bijdrage ga ik in op beveiliging. Informatiebeveiliging is voor consumenten op dit moment nog relatief overzichtelijk. Naast je computer(s) heb je een of meerdere tablet(s), een of meerdere smartphone(s), een modem en een printer. Daar houdt het voor het overgrote deel van de huishoudens wel mee op. Je weet inmiddels dat antivirus een vereiste is. Je weet dat je het standaard wachtwoord op je modem moet aanpassen, net als de standaard wifi instellingen. Maar wat nu als straks je koelkast, broodrooster, brandmelder, deurbel, wasmachine en kattenbak allemaal via IoT aan je telefoon (en daarmee de rest van je netwerk) gekoppeld worden? Je huis verandert dan langzaam in een datacenter. Er liggen opeens heel veel connecties tussen heel veel verschillende apparaten. Een kwaadwillende heeft daardoor ineens een groot aantal mogelijke inbraakpunten tot zijn beschikking. Daarbij komt dat beveiliging voor leveranciers van huishoudelijke apparaten geen discipline is die ze zelf in huis hebben. Het apparaat moet zo snel mogelijk aan het IoT gekoppeld worden, want dan kan het de markt op. Dat is hun grootste zorg. Er is minder aandacht voor beveiliging. Aangezien informatiebeveiliging zo sterk is als de zwakste schakel is het niet ondenkbaar dat je bankrekening via je broodrooster gehackt wordt. Vanuit Guardian360 volgen we deze ontwikkelingen nauwgezet. Op het moment van schrijven van dit artikel werken we aan scanners die kwetsbaarheden in het IoT opsporen, zodat we organisaties en personen kunnen helpen bij het verhelpen ervan. Wilt u hier meer van weten, of doorpraten over dit onderwerp? Neem dan contact met ons op! ———— Deze blog is geschreven door Jan Martijn Broekhof van Guardian360 en werd ook op www.guardian360.nl gepubliceerd.

Lees meer