Zeg maar ‘dag’ tegen de tijger [blog]

8 februari 2016

De 45ste editie van het filmfestival is weer voorbij. In het pompende hart van een van de mooiste steden van Europa, die volledig in het teken stond van het witte doek, is het festival een vaste traditie. De tijgerkop – inmiddels het vertrouwde logo van het festival – ziet u dan overal terug. Op etalages, in kranten en magazines, in restaurants en cafés. Een visueel circus dat het publiek elk jaar weer verleidt om een van de prachtige films te bekijken, die je anders niet zo snel op een groot wit doek zou kunnen zien, of om een expositie te bezoeken, of om deel te nemen aan één van de vele talkshows, de verschillende masterclasses, of aan een van de vele zaalgesprekken met makers en crews. De bezoeker wordt daardoor op intieme wijze betrokken bij de film, een tijdelijk uniek onderdeel van de filmervaring, die wordt besproken, bejubeld, bekritiseerd, onderzocht, geanalyseerd, geromantiseerd, en in de meeste gevallen gewaardeerd. Film als een beleving, als een levensstijl, in elk geval in de periode die dit jaar liep van 27 januari tot 7 februari. En in welke stad past zo’n visueel festijn beter dan in Rotterdam, de enige Nederlandse stad met een skyline, die – zoals in het gevarieerde aanbod van het festival – een potpourri samenbrengt van architectonische schoonheid én mislukkingen, waardoor er een bijzondere dynamiek is ontstaan? De Rotterdammers krijgen sowieso alles klein: de grootste bouwwerken worden ontdaan van sier en grootheidswaanzin. De Beurstraverse wordt de Koopgoot, de Erasmusbrug de Zwaan. Juist door die nuchterheid kan en mag het de hoogte in en is er geen grens aan artistieke groei, gekte en waanzin, gecombineerd met doelmatigheid, praktisch nut en een efficiënte aanpak. Een filosofie waar de stad evenzeer om bekendstaat.

Het festival durft in het aanbod films terug te laten komen die iets vrágen, die iets opeisen, en zo hoort het misschien ook wel. Zo’n festival geeft films de kans om gezien te worden. Pas dan bestaat ie, natuurlijk. Die liefde voor film wordt gevoeld. Bij de organisatie, bij de filmmakers, en bij de bezoekers. Elke film kreeg zijn unieke plek op het programma, omdat elke film zijn eigen gevoel en karakter heeft. De organisatie sprak over de ‘programmatische kleur’ van de film, en dat accent heeft er ongetwijfeld voor gezorgd dat elke film het publiek krijgt dat ie verdiende.

Intermax was ook dit jaar weer betrokken bij het filmfestival: we zijn al jarenlang een trouw sponsor van het festival. Met de speciaal voor ons geselecteerde film die we op onze filmavonden met onze relaties bekijken, passen we zo langzamerhand binnen de traditie die hoort bij het filmfestival. Intermax als een nuchter Rotterdams bedrijf waarbij vertrouwen, loyaliteit, en nieuwsgierigheid centraal staat voelt de verbondenheid met de stad en met het festival als een vertrouwd terugkerend circus dat zich moet blijven vernieuwen. We kijken al uit naar volgend jaar wanneer het festival weer tijdelijk de stad overneemt, en we ons weer kunnen verliezen in de wereld van beeld en verbeelding. De tijger is er vandoor, om ons volgend jaar opnieuw te verrassen.

We kijken er letterlijk naar uit.

Intermax Redactie